FAQ

Wat kan dit project voor uw school betekenen?

Met het project streven we naar minder financiële stress voor zowel ouders als de school. Betaalbare schoolrekeningen en minder onbetaalde schoolfacturen. Een goed doordacht kosten – en armoedebeleid op jouw school draagt hiertoe bij. Een beleid waar kostenbeheersing, goede communicatie en menswaardige opvolging centraal staan. We proberen bovendien het volledige schoolteam mee op de kar te krijgen, zodat iedereen op school meer armoedevaardig wordt. Zo zorgen we er samen voor dat alle leerlingen op uw school, ook de leerlingen in armoede, genieten van de beste onderwijskansen.

Hoeveel kost het voor een school om in te stappen in dit project?

Instappen in dit project is voor de school gratis. Het vraagt wel een aanzienlijk engagement omdat het een intensief traject is.

Welke inspanning vraagt dit project van een school?

Op de school wordt een werkgroep samengesteld die rond een of meer domeinen zal werken. De werkgroep kan er bijvoorbeeld voor kiezen om:

  • Een visie te ontwikkelen rond ‘omgaan met kansarmoede’
  • Een oefening te doen rond kostenbeheersing
  • Samen na te denken over ‘beheersbare’ schoolrekeningen
  • ‘Klare wijn’ te schenken over de schoolrekeningen en dit ook helder te communiceren
  • Het ontwikkelen van een procedure voor het opvolgen van schoolfacturen die menswaardig en sociaal is
  • Aan een ‘open en respectvolle communicatie’ te werken met kansarme ouders
  • In gesprek te gaan met partners/ sociale diensten
  • . . .

Welk extra werk vraagt dit project van een school?

Er zijn 7 contactmomenten met de school voorzien. Belangrijk om te weten is dat het invullen van deze contactmomenten altijd op maat van en in samenspraak met de school gebeurt.

Welke actoren binnen de schoolse context worden hier het beste betrokken?

Directie, mensen van het secretariaat, graadcoördinatoren, diegenen binnen het lerarenkorps met meer dan gewone aandacht voor gelijke onderwijskansen en/of het GOK-team, zorgleerkrachten, ouders, CLB, schoolbegeleider…

Waarom werken met een ervaringsdeskundige?

Mensen in armoede zijn actieve partner in de strijd tegen armoede. Dit project maakt gebruik van de ervaringsdeskundigheid van onze medewerkers om een brug te slaan tussen de school en ouders met een armoedeproblematiek.

We zetten deze ervaringsdeskundigheid in op verschillende terreinen:

  • Tijdens de vergaderingen met de werkgroep op school en het vormingstandem worden de problemen van ouders in armoede naar voren gebracht. De ervaringsdeskundige kan hier de plaats van de ouder in kansarmoede innemen. Op basis van wat er tijdens deze gesprekken naar voren komt, bepaalt het vormingstandem waar eventueel bijsturing nodig is in het sensibiliseren rond armoede en onderbouwt dit met wetenschappelijke inzichten, terreinkennis en onderzoekgegevens.
  • Bij vorming. Vanuit hun ervaringskennis ondersteunen ervaringsdeskundigen, de vormingswerkers en maken ze het schoolteam gevoelig voor het perspectief van mensen in armoede. Ervaringsdeskundigen zijn in deze zowel rolmodel als brugfiguur. Dat ze werken vanuit een vergrote gevoeligheid voor de situatie en de beleving van mensen in armoede, maakt meteen ook hun professionele meerwaarde uit.

Wat is de rol van de ouders in dit project?

De ouders zijn een belangrijke partner in dit project. De finaliteit van het traject dat een school in het kader van dit project aangaat, is een beter kostenbeperkend schoolbeleid. Ook de communicatie tussen school en ouders, school en buurt en school en welzijnsactoren staat daarin centraal. Het optimaliseren van de communicatie gebeurt eveneens best in samenwerking met de betrokkenen (ic de ouders). Ouders zelf kunnen ook heel goede tips geven rond het verlagen van kosten op school. Soms kan dit ook in samenwerking met een lokale vereniging waar armen het woord nemen, Welzijnsschakel of andere groep.

Ouders in armoede hebben niet zelden zelf een vrij negatieve ervaring met ‘onderwijs’ en ‘school’. Dat maakt het voor hen niet evident om veel vertrouwen te stellen in het onderwijs als dé hefboom om armoede te bestrijden. Concreet is het belangrijk dat scholen dit inzien en van daaruit passend en volhoudend inzetten op uitbouwen van goed contact met deze ouders.

Hoeveel scholen kunnen deelnemen?

In de eerste twee projectjaren werden een 45-tal scholen geselecteerd om in te stappen in het project. In het derde projectjaar gaan we van start met 45 scholen en 10 Train the Trainer trajecten waarbij nog eens 10 scholen een project op maat kunnen volgen bij een van onze externe partners.